Tag: schrijfwerk

  • Glimmende goudpot

    Glimmende goudpot

    Creatief schrijven – Opdracht week 2

    “Het gaat regenen. We laten ons niet tegenhouden door een buitje, hé? Met een stevige tred stappen we door de straat. Billie aan de ene hand, half hangend omdat ze nauwelijks verder wil. Jax aan de andere hand, met zijn kap op zijn hoofd omdat hij noch van de regen, noch van de zon houdt. Althans, dat zegt hij toch. De regen is er; we moeten het er mee doen. Gelukkig zijn we deze keer voorbereid: één paraplu waar we met ons drieën onder schuilen en allen nieuwe regenjassen aan. Dit is een uitzondering, want meestal ben ik diegene die nooit een paraplu bij de hand heeft of die in de herfst en winter nog steeds zonder jas buiten gaat omdat ik toch altijd het weer verkeerdelijk inschat.

    Illustratie bij ‘Glimmende goudpot’

    Of, ik hou gewoon niet van jassen?! Ik vind dat je er steeds zo gepoft in uitziet. Ik zal dus ook nooit kiezen voor een Michelinjas. Je kent ze wel, met van die zichtbare, glanzende, rollen. De ene na de andere. Alsof het je vetrollen nog meer accentueert. Billie zeurt omdat er water in haar schoenen zit. Te begrijpen voor een kind van vier. Ook een volwassene zou daarover klagen. Ik denk dan weer dat ik opnieuw nieuwe schoenen moet gaan kopen voor haar; nog maar het zevende paar dit jaar. We zijn september. Het zullen er wel weer roze moeten zijn en het liefst van al met glittertjes. Kon ik er haar nu maar eens van overtuigen dat roze niet altijd de wereld kleurt. Soms, maar veelal toch ook gewoon grijs, blauw, zwart, rood zelfs misschien. Jax daarentegen; die trotseert de regen met regenboogkleuren in zijn gedachten. Hij hoopt er alweer ééntje te zien. Hij is dé dromer: na regen komt zonneschijn en ook nog een regenboog mét regenboogmannetje en een pot goud. Daar moeten we dan ook weer naar op zoek. Zalig toch, die kinderlijke vrijheid. Dat kinderlijk enthousiasme. De telkens opnieuw weer fonkeling in zijn ogen als hij zoiets vertelt. Ook nog zijn kuiltjes in zijn wangen geaccentueerd. Het is een mooi beeld dat voor eeuwig oproepbaar is, op mijn netvlies staat gebrand en dat ik gebruik wanneer negatieve gedachten of frustraties de kop opsteken. Hij is onder andere diegene die me doet lachen, gewoon door zijn schoonheid. Moeiteloos. Met verliefde ogen kijk ik dan naar mijn eigen kind en ben ik dankbaar voor wat het leven me gegeven heeft. Automatisch kijk ik dan ook naar Billie. Zelfs klagen en zagen doet ze op een grappige manier. Zij is de grappige van het trio. Ik zie haar al voor me: het winnen van de HUMO’s Comedy Cup in 2040. Zij is gewoon gemaakt om op een podium te staan en om mensen aan het lachen te brengen. Dat zit in haar, nu al. Het is haar gegeven.

    Dubbel dankbaar. Al deze gedachten gaan door mijn hoofd tijdens het stevig doorwandelen. Ondertussen draag ik Billie al op mijn rug en gedijt Jax verder op zoek naar zijn glimmende goudpot. De regen begint eindelijk over te gaan in een zachter gedruppel. Een zichtbare druppel glijdt van mijn neus. Ik zou graag even krabben, maar dat lukt moeilijk met een doorhangend kind op mijn rug. Ze laten zich ook steeds weer zo hangen. Voor hen kost het geen moeite; voor mij alle moeite van de wereld. Enerzijds denk ik dat ze te groot worden voor het dragen; anderzijds betrap ik me er zelf op dat ik geniet van dit soort momenten omdat ik weet dat het weldra voorbij zal zijn. Die twee zullen niet aan de hand blijven lopen. Die twee zullen niet meer op mijn rug springen. Ik hoop één ding: dat ze die mooie, onschuldige, kinderlijke vrijheid in hun gedachten en ogen niet gauw verliezen. Want dat gebeurt, sowieso. Dat weten we. Maar, ik houd het met alle macht dat me gegeven is tegen.

    Zoals Jax zoekt naar die goudpot, Billie naar de komische noot,… Zo zoek ik naar mijn innerlijk kind van vijf!”

    Creatief schrijven / Peter De Voecht (Lannoo)

    https://www.lannoo.be/nl/creatief-schrijven-0

  • Koffieboon

    Koffieboon

    Creatief schrijven – Opdracht week 1

    De zwarte enkellaarsjes tikken snel tegen de kasseien. Tik voor tik. Nog een tik en sneller. Gehaast getik en gekletter, want het heeft geregend. Het is koud en donker en het miezert nog wat verder. De bordeauxrode, wollen sjaal die gedrapeerd over haar schouder hangt, waait mee met het zacht gefluister van de wind. Ze houdt halt, net daar in het midden. Net op die plek waar ze het hoogst als mogelijk boven het water naar beneden kijkt en waar de plons het meest hoorbaar zal zijn. De walkman met cassette grist ze uit haar jaszak. Ze twijfelt even of ze nog één keer zou luisteren naar die warme, rokerige stem. Maar, ze doet het niet. Waarom zou ze ook? Die stem kan en mag haar dagen niet meer vullen. Niet in de ochtend bij haar kopje koffie, niet op weg naar haar werk, niet tijdens de noodzakelijke wandeling om alle prikkels van de voormiddag te verwerken, niet tijdens het koken of het indommelen onder een dekentje in de zetel. Niet na dit alles…

    Cassette – Koffieboon

    Ze klikt de cassette eruit en wrijft met haar duim over het opschrift: ‘Koffieboon’. Haar lippen prevelen mee, maar ze stopt nog voor het woord volledig gelezen is. De boosheid zorgt voor een bijna-gil in de prille nacht. Een gil die hoorbaar zou zijn in alle huizen langs de lei van de Sint-Michielsbrug. Het verdriet echter zorgt voor die krop in de keel waardoor de gil geen gegeven wordt. In een impuls gooit ze de cassette het water in. De plons staat nu voor het verdwijnen van die muzikantenstem en het einde van een herinnering. Die cassette hield zijn stem in leven, ook al was hij er al even niet meer. Die cassette maakte het mogelijk om hem dichtbij te hebben, alsof hij naast haar zingt.

    Het is voorbij, koffieboon. Het is voorbij. En, bij die gedachte rollen de tranen over haar wangen terwijl ze staart naar het lichte golven van het water. Ze zoekt nog de exacte plek van waar de cassette precies het wateroppervlak raakte, maar het licht van de straatlantaarn licht de plek ernaast op. Niet dé plek. Het is echt voorbij. De duisternis beaamt dit. Ze staat leeg en donker in het leven; niet te weten wat voor zin haar bestaan momenteel nog heeft.

    Duikt ze de cassette achterna? Even komt deze gedachte in haar op, maar al snel herstelt deze ridicule ingeving zich en maakt deze plaats voor een verder getik op die natte kasseien. De walkman die ze nog steeds in haar handen heeft, stopt ze snel in haar fluweelrode, vintage handtas. De tranen rollen verder en raken haar warme, kakikleurige, lange winterjas. Gelukkig kan ze rekenen op de warmte die deze haar schenkt. Deze warmte voelt ze nog in tegenstelling tot de warmte van zijn stem. Zijn stem. Hoe klinkt die ook alweer? Nee! Het is voorbij, koffieboon. Het is echt voorbij.

    Creatief Schrijven / Peter De Voecht (Lannoo)

  • Schrijfwerk


    Ik schrijf ook af en toe.

    Ik train mijn schrijfbrein. Ik vergeet de schoolse schrijfles, maar duik in een creatief bad waarin oude denkkaders plaatsmaken voor nieuwe invalshoeken. Zo leer ik mezelf durf en de bereidheid om te mislukken aan. Bovendien zijn schrijfdiscipline en regelmaat veel belangrijker dan talent en is creativiteit eerder bevrijdend dan aangeleerd. Dus, ik spring en ik schrijf. Meer niet.

    #schrijfwerk